Verschrikkingen Rohingya-kinderen en systematisch geweld vastgelegd in rapport

Save the Children roept de ministers van Buitenlandse Zaken die binnenkort samenkomen in Myanmar op de druk op het land op te voeren om het geweld tegen Rohingya te stoppen.

We komen met de oproep bij de presentatie van ons nieuwe rapport ‘Verschrikkingen die ik nooit zal vergeten’, waarin de huiveringwekkende getuigenissen van Rohingya-kinderen zijn vastgelegd.

Het rapport schetst een beeld van systematisch geweld, verkrachtingen en gedwongen uitzettingen die veel van de ruim 600.000 Rohingya die sinds 25 augustus naar Bangladesh zijn gevlucht, hebben ondergaan. Bijna 60 procent van hen is kind.

Een van de slachtoffers is de 16-jarige Shadibabiran*: “Een paar soldaten namen mij en twee andere meisjes mee naar een huis. Ze sloegen met een geweer in mijn gezicht, schopten tegen mijn borst en stampten op mijn armen en benen. Toen werd ik verkracht door drie soldaten. Ze hebben me ongeveer twee uur verkracht, op een gegeven moment ben ik flauwgevallen.”
De soldaten braken een van haar ribben, zegt Shadibabiran. “Het deed enorm pijn, ik kon nauwelijks ademen. Ik heb nog steeds moeite met ademhalen. Maar ik ben niet naar een dokter geweest, ik schaam me te veel.”

Rehema* (24) vertelt in het rapport dat ze zag hoe een vrouw en een baby levend werden verbrand. “Een soldaat goot benzine over een hoogzwangere vrouw en stak haar in brand”, getuigt ze. “Een andere soldaat trok een baby uit de armen van zijn moeder en gooide hem in het vuur. Hij heette Sahab*, hij was nog geen jaar oud. Ik zal het geschreeuw nooit vergeten.”

De 12-jarige Hosan* ontvluchtte zijn dorp toen soldaten met machetes op mensen begonnen in te hakken, zegt hij. Op zoek naar voedsel en water kwam hij uiteindelijk bij het waterreservoir van een dorp terecht. “Toen ik dichterbij kwam zag ik zeker 50 lichamen in het water drijven. Ik kan de geur van brandende huizen en het beeld van opgeblazen lichamen niet van me afzetten. Deze verschrikkingen zal ik nooit vergeten.”

Voor het rapport hielden onze medewerkers een reeks diepte-interviews met kinderen en vrouwen. Elke getuigenis geeft een beeld van de verschrikkingen. “Vrijwel elk kind dat we spraken was getuige van dingen die geen kind ooit mee zou moeten maken. Ze vertellen over bloedbaden, verkrachtingen en hoe ze zagen dat familieleden levend werden verbrand”, zegt CEO Helle Thorning-Schmidt van Save the Children, die onlangs de Rohingya-vluchtelingen bezocht in Cox’s Bazar (Bangladesh). “Meer dan de helft van alle vluchtelingen is jonger dan 18, dat maakt het echt een kindercrisis. Veel kinderen zijn diep getraumatiseerd door wat ze hebben meegemaakt. En nu wonen ze op een plek waar geen kind hoort te wonen.”

Save the Children komt met het rapport vlak voor de Azië-Europa top, waarbij de ministers van Buitenlandse Zaken uit Europa, Azië, Australië en Nieuw-Zeeland elkaar maandag en dinsdag ontmoeten in de Myanmarese hoofdstad Naypyidaw. Save the Children wil dat de ministers onverkort ​​stelling te nemen in de Rohingya-crisis en het geweld van de afgelopen maanden veroordelen.

“Het lot van de Rohingya moet centraal staan in Naypyidaw, landen moeten schouder aan schouder hun diplomatieke invloed aanwenden. Alle opties moeten op tafel om de crisis te beëindigen en kinderen te beschermen”, zeg Thorning-Schmidt. “We willen dat het geweld direct stopt, dat daders voor het gerecht worden gebracht en dat humanitaire hulp ongehinderd het noordelijk deel van de staat Rakhine in kan. We moeten alles op alles zetten om de verpulverde levens van de Rohingya-kinderen weer op te bouwen.”

*Om veiligheidsredenen zijn de namen gewijzigd