Coronaziekenhuis in grootste vluchtelingenkamp ter wereld geopend

Bewoners en omwonenden van Cox’s Bazar in Bangladesh kunnen voortaan terecht in het coronaziekenhuis van Save the Children.
 

Het speciale ziekenhuis is hard nodig, want het aantal coronabesmettingen in en om het dichtbevolkte kamp loopt snel op.

Cox’ Bazar is eigenlijk niet één megagroot kamp, maar een verzameling vluchtelingenkampen. Daar wonen circa 850.000 Rohingya, gevlucht voor het geweld in hun geboorteland Myanmar. In de buurt van Cox’ Bazar wonen nog eens circa 400.000 Bengalen die ook weinig toegang hebben tot medische zorg.
 
Onhygiënische omstandigheden
Op dit moment zijn er volgens officiële cijfers 46 inwoners van Cox’s Bazar besmet met het coronavirus; 6 mensen zijn onlangs overleden aan de gevolgen van COVID-19. Maar vanwege de beperkte testcapaciteit wordt gevreesd dat het daadwerkelijke aantal besmettingen hoger ligt. Zeker als je kijkt naar de omstandigheden in de kampen. Mensen leven dicht op elkaar en er zijn onvoldoende sanitaire voorzieningen. Veel mensen lijden al aan luchtweginfecties. En doordat veel kinderen ondervoed zijn, zijn zij extra vatbaar voor virussen. Gevreesd wordt daarom dat duizenden mensen hier kunnen overlijden aan corona.
 
Plek voor 60 ernstig zieke coronapatiënten
De afgelopen weken is, onder andere door onze collega Willem Sools, hard gewerkt aan de bouw van het ziekenhuis, dat officieel het Isolation and Treatment Centre (ITC) heet. In het ziekenhuis, dat dag en nacht geopend is, is plek voor 60 ernstig zieke coronapatiënten. Ook is er een kraamafdeling voor moeders met corona. Het ziekenhuis wordt bemensd door een team van 80 goedgetrainde zorgprofessionals, onder wie de leden van onze Emergency Health Unit die veel ervaring hebben in de bestrijding van besmettelijke ziektes. Niet alleen de bewoners van het kamp, maar ook mensen uit de omgeving kunnen gebruikmaken van de diensten.
 
Verspreiding van het virus voorkomen
Het nieuwe coronaziekenhuis is een zeer belangrijke aanvulling op de al bestaande isolatie-afdelingen in onze klinieken. Ook andere hulporganisaties hebben coronavoorzieningen ingericht. Samen bieden die plek aan 1000 tot 1500 patiënten en dat is nog steeds te weinig als je kijkt naar de omvang van de bevolking in het gebied. Daarom zetten we alles op alles om verdere verspreiding van het virus te voorkomen. Zo gaan mobiele medische teams op pad om zieke mensen op te sporen en te behandelen. Ook geven onze lokale medewerkers op grote schaal voorlichting. Daarnaast hebben we meer dan 500 extra handenwaspunten aangelegd en extra hygiënepakketten met onder andere zeep en mondkapjes uitgedeeld.  
 
Kinderen bang voor het virus
Om te achterhalen wat kinderen van het virus weten en wat ze ervan vinden, hebben verschillende hulporganisaties kinderen geïnterviewd. Onno van Manen is directer van Save the Children Bangladesh. Hij vertelt dat 4 op de 10 kinderen in Cox’ Bazar bang zijn dat zijzelf of een familielid door het coronavirus zullen overlijden. “Kinderen vertellen ons dat ze bang zijn om dood te gaan. De angst voor de dood of het verliezen van een dierbare kan voor een kind zeer pijnlijk zijn, vooral omdat velen al intens trauma en verlies hebben meegemaakt toen ze uit hun huizen in Myanmar zijn verdreven. Ook drie jaar lang leven in een overbevolkt vluchtelingenkamp gaat kinderen niet in de koude kleren zitten.”