In gesprek met kinderen en jongeren over het werk van Save the Children

Save the Children organiseerde op woensdag 8 juni een inhoudelijke dag voor kinderen en jongeren die zich eerder hebben ingezet voor Save the Children. Zij werkten eerder mee aan lobby-campagnes over Syrië, Afghanistan en armoede in Nederland. 

Met hen gingen we in gesprek over hoe we kinderen en jongeren in de toekomst nog beter kunnen betrekken in ons werk. Op het programma van de dag stonden verschillende bijeenkomsten. Zo kregen de kinderen en jongeren een rondleiding en lunchten ze met medewerkers van Save the Children. Ze mochten de directeur van Save the Children, Pim Kraan, het hemd van het lijf vragen. 

Ook informeerden we ze hoe hun inzet heeft bijgedragen aan het werk van Save the Children, en we discussieerden over hoe Save the Children nog beter kinderen en jongeren kan betrekken. Wat zijn hun ervaringen? En hoe willen zij het liefst betrokken worden? In de middag stond een workshop kinderrechten op het programma, hierbij hebben ze een kinderrecht getekend welke voor hen belangrijk is om gelukkig te zijn.

Aandacht vragen voor armoede in Nederland en crises wereldwijd
De kinderen die waren uitgenodigd, zetten zich in voor Save the Children om aandacht te vragen voor politieke onderwerpen die voor hen belangrijk zijn. Zo deelden ze hun verhaal over armoede in Nederland en over de oorlog in Syrië en Afghanistan. Op die manier helpen ze mee om het onderwerp onder de aandacht te brengen van de lokale en landelijke politiek. Denk bijvoorbeeld aan de invulling van het Nationaal Plan Kindergarantie, wat als hoofddoel heeft het verminderen van armoede onder kinderen in Nederland. 

Psychosociale hulp voor kinderen die zijn gevlucht
Je kan ook denken aan het agenderen van het belang van psychosociale hulp voor kinderen die uit Syrië zijn gevlucht. Naya, een van de jongeren die aanwezig was, vertelde: “Syrische kinderen die een oorlog hebben meegemaakt, hebben veel meegemaakt. Voor hen is psychosociale hulp erg belangrijk”. Zo deelden Naya en Eilaf eerder hun verhaal in deze video. Naar aanleiding hiervan is er in Nederland meer aandacht gekomen voor psychosociale hulp voor kinderen met een vluchtelingenachtergrond. Ook is er een programma opgezet om 200 kinderen en hun families in Noordoost Syrië psychosociale hulp te geven.

Waarom deze dag?
Voor Save the Children, als grootste onafhankelijke kinderrechtenorganisatie ter wereld, is het heel belangrijk om kinderen en jongeren bij ons werk te betrekken. Hun stem telt. Door betekenisvolle participatie leren wij kinderen en jongeren als zelfstandige personen in de samenleving te functioneren. We vergroten hun betrokkenheid in de maatschappij. Dit draagt bij aan betere besluitvorming, beleid en resultaten. 

Kinder- en jongerenparticipatie doen wij niet af en toe, het is een basishouding van Save the Children. Wij leveren hiermee een positieve bijdrage in de ontwikkeling van kinderen en jongeren tot verantwoordelijke burgers. Wij vinden het belangrijk om kinderen en jongeren een stem te geven in zaken die invloed hebben op hun leven. Al onze programma’s komen dan ook zoveel mogelijk tot stand in samenwerking met kinderen, jongeren, ouders, overheden, gemeenschappen en andere lokale partners. Zo bieden we duurzame oplossingen die ‘toekomstproof’ zijn.

Het is belangrijk om verantwoording af te leggen aan kinderen en jongeren. We geven hen feedback over hoe hun bijdrage tot nu toe politieke besluitvorming heeft beïnvloed. 

Amina en Reem, die als kind zijn gevlucht uit Syrië en nu in Nederland wonen, deden mee aan een onderzoek onder kinderen uit Syrië, 10 jaar na de start van de oorlog. Een van hun belangrijkste aanbevelingen was dat kinderen niet langer als vluchtelingenkind of oorlogsslachtoffer willen worden bestempeld.

Kinderen uit Afghanistan deden mee aan een vliegeractie, wat naast een solidariteitsactie ook bedoeld was om aandacht te vestigen op een petitie die in november 2021 aan de Tweede Kamer werd aangeboden. De boodschap was om kinderen in Afghanistan niet te vergeten en ook internationaal druk te blijven uitvoeren, zodat noodhulp doorgang kon vinden. 

Marissa (gemeente Almelo) heeft de NGO-rapportage ‘Kinderrechten in Nederland’ overhandigd aan toenmalig staatssecretaris Paul Blokhuis. Hierin vroeg Marissa aandacht voor beter maatwerk in armoedebestrijding en maatregelen om eerlijke kansen te bevorderen.

Michelle (gemeente Kerkrade) zette haar ervaringsdeskundigheid in bij een evenement in de Balie genaamd ‘Strijd tegen oprukkende kinderarmoede’, waarbij ze de plannen van aanwezige bestuurders omtrent de aanpak van kinderarmoede kritisch toetste aan de werkelijkheid.