Overslaan en naar de inhoud gaan

Save the Children roept op tot miljarden voor onderwijs in crisisgebieden

22 sep 2026

Het onderwijs is de afgelopen drie maanden voor zo’n 13 miljoen kinderen verstoord, omdat Nepal, Japan, Colombia, Venezuela, Indonesië en de Filippijnen allemaal werden getroffen door grote natuur- of klimaatrampen, zoals aardbevingen, overstromingen of bosbranden. "Ik mis school. Ik mis het leren en het zien van mijn vrienden."

In veel landen waar de rampen toesloegen, waren de lessen op dat moment in volle gang, zoals in Nepal, waar kinderen moesten vluchten voor plotselinge overstromingen. In andere landen naderden de scholen de eindejaarsvakantie, zoals in Venezuela, waar leerlingen deze week weer naar school gaan en de gevolgen voor het onderwijs nu pas merkbaar worden. 

Alondra* uit Venezuela brengt haar dochter Emma al maanden sinds de aardbeving naar een veilige plek van Save the Children, zodat ze kan blijven leren en spelen met andere kinderen van haar leeftijd. 

Onze collega's in Venezuela en onze nationale partners hebben sinds de aardbevingen meer dan 93.970 mensen** geholpen, onder andere met psychosociale ondersteuning, gezondheidszorg en activiteiten om de gemeenschap erbij te betrekken. We beginnen daarnaast met het herstellen van lesruimtes en scholen en het opleiden van leraren om kinderen te ondersteunen die door de aardbevingen zijn getroffen. 

In Colombia richten we ons op het ondersteunen van een veilige terugkeer naar school waar dat mogelijk is en helpen we bij tijdelijke leeroplossingen via lokale onderwijspartners, zoals tijdelijke leertenten in getroffen gebieden zoals Chocó. 

In Nepal hielpen we meer dan 6.000 mensen in de districten Nuwakot, Dhading en Rasuwa met essentiële spullen en hebben twee tijdelijke leerruimtes opgezet om kinderen te helpen bij het leren. 

In Japan heeft Save the Children onder andere kindvriendelijke ruimtes opgezet om kinderen een veilige omgeving te bieden waar ze kunnen spelen en bijkomen na de aardbeving van 28 juli in de prefectuur Kumamoto, in het zuiden van Japan. 

Lees hier meer over hoe we kinderen wereldwijd onderwijs geven

Wanneer rampen of klimaatcrises het onderwijs van kinderen verstoren, zoals deze zomer het geval was voor kinderen in Nepal, Venezuela, Colombia en elders, moeten kinderen hun onderwijs tijdens de crisis kunnen voortzetten. Overheden hebben ook sterkere, inclusievere en veerkrachtigere onderwijssystemen nodig die de tand des tijds kunnen doorstaan. 

We roepen wereldleiders op die deze maand in New York bijeenkomen voor de Algemene Vergadering van de VN om minstens 5 miljard dollar toe te zeggen aan het Global Partnership for Education, zodat tegen 2030 ongeveer 750 miljoen kinderen in 96 landen bereikt kunnen worden door onderwijssystemen te versterken. 

Onderwijs kan niet wachten. Daarom roepen we leiders ook op om in november 600 miljoen dollar toe te zeggen voor Education Cannot Wait, zodat kinderen in crisissituaties kunnen blijven leren.


*Namen zijn gewijzigd om de anonimiteit te waarborgen 

**Stand: 11 september 2026. 

Methodologie: Het cijfer van meer dan 13 miljoen is gebaseerd op een analyse van grote of veelbesproken rampen tussen 1 juni en begin september, waarbij er publiekelijk melding werd gemaakt van gevolgen voor het onderwijs. Tot deze rampen behoorden aardbevingen in Venezuela (onderwijs van 1 miljoen kinderen getroffen); Colombia (1 miljoen), Indonesië (meer dan 116.000), Japan (ongeveer 200.000) en de Filippijnen (3 miljoen), bosbranden in Indonesië (1,4 miljoen), overstromingen door de moesson in de Filippijnen (6,8 miljoen) en plotselinge overstromingen in Nepal (19.000). Voor Japan is het aantal kinderen met verstoord onderwijs geschat op basis van gegevens van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur, Sport, Wetenschap en Technologie (MEXT) over 650 getroffen scholen, waarbij het gemiddelde aantal leerlingen per school in Japan is gebruikt.  

Gerelateerde berichten