Naar schatting 85.000 kinderen in Jemen omgekomen van de honger sinds begin oorlog

Honderdduizenden zwaar ondervoede kinderen moeten nu geholpen worden voordat het ook voor hen te laat is. 
 

Sinds het uitbreken van de oorlog in Jemen in april 2015 zijn naar schatting 85.000 kinderen onder de 5 jaar gestorven van de honger. Dat blijkt uit onze nieuwe analyse. “Dit nieuws vervult ons met afschuw”, aldus Tamer Kirolos, directeur van Save the Children in Jemen. “85.000 sterfgevallen als gevolg van ondervoeding en ziektes- doden die voorkomen hadden kunnen worden. Kinderen lopen hier meer gevaar om dood te gaan van de honger dan door bommen en kogels.”
 
Save the Children komt tot deze conclusie op basis van VN-gegevens. Uit een evaluatie van de sterftecijfers voor onbehandelde gevallen van ernstige acute ondervoeding bij kinderen jonger dan vijf jaar, bleek dat tussen april 2015 en oktober 2018 ongeveer 84.701 kinderen zijn overleden. 
 
Te zwak om te huilen
"Kinderen die sterven van de honger lijden enorm”, vertelt Kirolos. “Hun vitale orgaanfuncties worden steeds langzamer en stoppen er uiteindelijk mee. Hun immuunsysteem is zo verzwakt dat ze erg vatbaar zijn voor infecties. Sommige zwaar ondervoede kinderen zijn zelfs te zwak om te huilen. Ouders zijn niet in staat om iets te doen en moeten toezien hoe hun kinderen wegkwijnen.”
 
Dreigende hongersnood
Volgens de VN dreigt in Jemen een hongersnood voor 14 miljoen mensen, kinderen en volwassenen. Het aantal ondervoede Jemenieten is toegenomen sinds de door Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten geleide coalitie een jaar geleden een blokkade oplegde aan Jemen. Sindsdien is de import van voedsel via de haven van Hodeida drastisch afgenomen. De afgelopen weken hebben onze hulpverleners bovendien een dramatische toename van het aantal luchtaanvallen op Hodeida gezien. Ook in steden als Taiz, Saada en Sanaa is de strijd opgelaaid.
 
140.000 kinderen aan voedsel geholpen
Door de voortdurende gevechten, blokkades en bureaucratie komen onze hulpgoederen voor het noorden van het land noodgedwongen via de zuidelijke havenstad Aden het land binnen. Daardoor duurt het tot drie weken langer om hulp op de juiste plek te krijgen. “Ondanks die uitdagingen, lukt het ons dagelijks om levens te redden. Sinds het begin van de oorlog hebben we voedsel verstrekt aan 140.000 kinderen en meer dan 78.000 kinderen behandeld tegen ondervoeding. Maar het is niet genoeg. De gevechten moeten stoppen zodat niet nog meer levens verloren gaan. Veel kinderen in Jemen balanceren op het randje van de dood en hebben onmiddellijk therapeutische, levensreddende voeding nodig. Elk kind dat doodgaat van de honger is er een te veel.”